Watervilla: luxe wonen op het water

De nieuwste waterwoningen heten geen woonboten meer, maar watervilla’s. Ze doen in niets onder voor de huizen op het land. Wonen op het water iets voor u? Informeer u van tevoren goed over de voor- en nadelen.

De nieuwste waterwoningen lijken in niets op de traditionele woonboten; het zijn net ‘gewone’ huizen. Zo heeft een drie verdiepingen tellend ontwerp van Piet Boon een woonoppervlakte van 180 vierkante meter en een terras van nog eens 40 vierkante meter. De badkamer is voorzien van een ligbad.

De watervilla’s gaan van de hand voor prijzen die vergelijkbaar zijn met die op het land. Wie de eigenaar wil worden van Boons ontwerp, moet minstens een half miljoen euro neerleggen. En bereid zijn om naar Almere of een buitenwijk te verhuizen. Want in de oude binnensteden is wonen op het water nog veel duurder. Zelfs de meest aftandse woonboot brengt in Amsterdam tonnen op. Niet uit nostalgie, maar vanwege de bijbehorende ligplaats. Hoe dan ook, informeer u van tevoren goed over de voor- en nadelen van wonen op het water.

De voordelen: Ach ja, de romantiek van wonen op het water. Altijd natuur om je heen, een prachtig uitzicht en als het even meezit ook nog een extra bootje voor de deur. Het gevoel van vrijheid dat de eerste woonbootbewoners hadden, wordt ook door veel eigenaren van moderne watervilla’s genoemd als belangrijke reden om het vasteland vaarwel te zeggen.

De nadelen: Maar aan het wonen op het water zijn ook nadelen verbonden. Zo is de regelgeving soms nog onduidelijk, omdat het een betrekkelijk nieuw fenomeen is. Ook krijgt het begrip ‘onderhoud’ een heel nieuwe betekenis, als er voortdurend water tegen je huis klotst. Watersport is leuk, maar besef wel dat je vooral in de zomer niet de enige zult zijn die op het water is. En dan de muggen …

Voorbeelden van nieuwe waterwoonwijken

Amsterdam: Op het Steigereiland in IJburg geeft de gemeente 110 waterkavels uit. Bewoners mogen daar zelf een waterwoning neerleggen.

Rotterdam: In de Waterwijk van Nesselande worden 30 huizen op en aan het water gebouwd.

Utrecht: In de nieuwe wijk Leidsche Rijn zijn drijvende woningen gepland met een terras op het water.

Almere: Wie in aanmerking wil komen voor een van de drijvende villa’s van Piet Boon op de Noorderplas, moet er snel bij zijn.

Zwolle: De nieuwe wijk Stadshagen heeft veel huizen aan het water.

Oost-Groningen: Hier is een gebied van acht vierkante kilometer onderwater gezet. Rond het meer en op kunstmatige eilanden wordt de Blauwe Stad aangelegd, een megaproject met zo’n 1.500 huizen.

Maasbommel: In het recreatiegebied De Gouden Ham worden vijftig drijvende en semi-drijvende villa’s gebouwd.

Huizenkoper wil in leuke buurt wonen

Huizenkopers letten bij het zoeken naar een nieuwe woning vooral op de aantrekkelijkheid van de buurt. De prijs van het huis is van ondergeschikt belang.

De grootte van de woning en de het uiterlijk van de woning staan op de tweede en derde plaats, zo blijkt uit onderzoek van USP Marketing Consultancy. De prijs van de woning staat op de vierde plaats.

Opvallend genoeg spelen factoren als de grootte van de tuin en het balkon, net als de parkeergelegenheid in de buurt, nauwelijks een rol bij het kiezen van een woning.

Jongeren tot 25 jaar hechten nauwelijks aan hun woonomgeving. Zij zien hun huis vooral een plek om te slapen. Zodra mensen ouder worden, wordt de woonomgeving echter belangrijker.

Het krijgen van kinderen is een omslagpunt. Een leuke omgeving is natuurlijk fijn voor de kleintjes, maar uiteindelijk ook voor de ouders. Via het speelveldje, de school en de sportclub komt het sociale netwerk steeds dichter bij huis te liggen.

Als mensen ouder worden en de kinderen op zichzelf gaan wonen vermindert het belang van de woonomgeving niet: door de herinneringen, maar ook door de sociale en fysieke bekendheid met de buurt blijft de binding.

Bron: De Pers

Zeist: Inwoner krijgt eindelijk hoogte van Zeist

Inwoners van Zeist weten eindelijk hoe ver de gemeente de hoogte in wil gaan bij nieuwbouw in het centrum. Gebouwen hoger dan acht verdiepingen zijn volgens de coalitiepartijen niet aan de orde, zo bleek tijdens een debat over de bouwvisie van Zeist voor de komende vijftien jaar.

Tijdens de besprekening van de discussienotitie, die uiteindelijk in 2008 tot de officiële Bouwvisie moet leiden, stond niet concreet vermeld hoe ver Zeist de hoogte in moet gaan bij het bouwen van 3000 nieuwe woningen tot 2020. Hoewel de oppositie nog steeds aan dat getal wil morrelen omdat Zeist wel met minder woningen af zou kunnen, was die discussie een gepasseerd station. De opdracht om zoveel te bouwen heeft de gemeente zichzelf inmiddels gegeven.

De vraag is alleen hoe die nieuwe woningen naast of tussen de bestaande bouw ingepast moeten worden. Het discussiestuk daarover dat door een Belgisch architectenbureau is gemaakt, was voor de meeste partijen te vaag. Vooral een duidelijke visie over de hoogte ontbrak. PvdA-fractievoorzitter Van Liempde schiep daarover dinsdagavond meer duidelijkheid namens alle coalitiepartijen. ,,Niet meer dan drie lagen hoger dan de bestaande omgeving, hooguit op een plek of vier een accent met maximaal vier extra bouwlagen.’’

Vooral centrumbewoners maken zich al lang zorgen over plannen voor woontorens in hun omgeving. Volgens Van Liempde is die zorg niet nodig. ,,In de Antonlaan is nu tot vijf lagen gebouwd, dat kan dus maximaal acht hoog worden. Het Wilhelminapark kent nu niet meer dan twee verdiepingen, dat mogen er dus niet meer dan vijf worden.’’

De meeste partijen vinden ook dat er behalve een bouwvisie ook een groenvisie op papier gezet moet worden om het groene karakter van Zeist in stand te houden. Ook de VVD vind dat het accent van de huidige notitie erg op het stedelijke gedeelte ligt, maar vindt dat niet bezwaarlijk. Raadslid Veenendaal: ,,Zeist wordt een dorp met een stadse allure.’’

Bron: Algemeen Dagblad

Breed front komt op voor huisvesting middeninkomens

De onrust over de positie van de middeninkomens op de woningmarkt neemt toe. Verhuurders, huurders en gemeenten roepen de Tweede Kamer in een gezamenlijke brief op minister Spies er toe te bewegen de inkomensgrens voor sociale huurwoningen te verhogen. Dan kunnen woningcorporaties huishoudens met een laag middeninkomen weer aan een woning helpen. Donderdag 2 februari overlegt minister Spies er weer over met de Tweede Kamer, die eerder de zorgen over de huisvesting van middeninkomens deelde.

Aedes, de branchevereniging van woningcorporaties, de Woonbond, de VNG, het Stedennetwerk van 32 steden en de vier grote gemeenten wijzen de Tweede Kamer er samen op dat de huidige inkomensgrens (€ 34.085) ertoe leidt dat huishoudens met een inkomen daarboven ‘tussen wal en schip vallen’. Die huishoudens komen niet in aanmerking voor een sociale huurwoning, maar kunnen ook niet overstappen naar de commerciële huursector of de koopsector.

Probleemgevallen

De Woonbond overhandigt op 2 februari ruim 4.000 meldingen van gedupeerden (binnengekomen bij het meldpunt ikwiloookwonen.nl) aan minister Spies. Dat gebeurt voorafgaand aan het Algemeen Overleg met de Tweede Kamer.

Terug naar Brussel

Niets staat minister Spies in de weg om de Europese Commissie een hogere inkomensgrens voor te stellen. Juridische deskundigen bevestigen dat een andere inkomensgrens mogelijk is als Nederland zelf met een voorstel komt dat voldoet aan de voorwaarden voor staatssteun. De Tweede Kamer heeft eerder in een motie toenmalig minister Donner gevraagd naar Brussel af te reizen om daar een hogere inkomensgrens af te spreken.

Bron: Woonbond en Aedes